Slavernij


Terwijl ik gisteravond, het was al donker geworden, een vanille milkshake aan het slurpen was bij een ingang naar metrostation Beurs, liep een groepje mannen voorbij. Een van de voorste drie was in een zak frites chips aan het graaien. Een ander met zwart achterovergekamd haar draaide zich om naar een man achter hen en zei: 'Je ziet toch dat we aan het eten zijn?' Ik zag alleen de zak chips, maar op zo'n moment sta je met je mond vol tanden. De man, vermoedelijk een zwerver, bleef hoewel voorzichtig vlak achter hen aanlopen en even twijfelde ik of hij niet toch bij de groep hoorde. Een ruzietje. Maar hij liet hen gaan, keerde zich langzaam om, ik gebaarde, hij kwam opgewekt mijn kant op en ik gaf hem het muntgeld dat ik nog had, iets waar je tegenwoordig hoogstens een halve kauwgombal voor kunt krijgen. Ik verontschuldigde me, maar hij was er toch blij mee, sterker nog, hij begon mij 'een goede man' te noemen, ook ten overstaan van een meisje dat op een bankje met haar telefoon in de weer was. 'Hoe voelde je je bij mij?' vroeg hij. 'Goed,' zei ik naar waarheid. We zeiden gedag, ik dronk het laatste restje milkshake en fietste naar huis. Vrijheid en slavernij, ze lopen dwars door elkaar heen, en komen in alle vormen en maten, ook, en misschien moeten we zeggen vooral, in de liefde. Onze tragiek is dat ware slavernij niet wordt onderscheiden van ware vrijheid.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Crème brûlée

Mazzel tov

Sonnenschein